De grootste verschillen tussen platbodems en kieljachten

Platbodemvaren voor kieljachtzeilers

Wat moet je weten over platbodemschepen als je wel kunt zeilen maar alleen ervaring hebt op kieljachten?

Gaffeltuigage
Platbodems zijn traditioneel getuigd met een gaffel aan het grootzeil en 'rakbanden' met 'kloten' die het zeil bij de mast houden.
Voordeel:
je kunt op alle koersen tov de wind het grootzeil zetten.
Wat moet je weten:
Het is beter om bij het hijsen van de zeilen niet helemaal in de wind te sturen. Je kunt dan de giek al iets laten vieren zodat deze niet heen en weer zwaait boven je hoofd.

Bakstagen
Grotere platbodems (vanaf ongeveer 11 meter) hebben vaak bakstagen. De bakstagen geven extra steun aan de mast. Je hoeft niet bang te zijn dat de mast afbreekt als je de bakstag even vergeten bent vast te zetten. De bakstag zorgt ook dat het voorlijk van de fok goed op spanning blijft bij het hoog aan de wind zeilen. Dus een stukje trim van de zeilen.
Voordeel:
steun voor de mast zoals bij een achterstag op scherpe jachten
Wat moet je weten:
De bakstag aan de lijzijde laat je vieren zodat er ruimte is voor de bolling van het grootzeil. De bakstag aan de loefzijde zet je strak. Bij meer wind mag de bakstag strakker doorgezet worden.
Geen kiel: weinig diepgang
Platbodemschepen hebben geen kiel maar een min of meer platte of iets ronde rompvorm. Op deze manier hebben ze maar weinig diepgang, ideaal voor de Nederlandse binnenwateren.
Voordeel:
Platbodems zijn in hun element op ondiep water en je kunt ermee droogvallen op de zandbanken van de Waddenzee.
Wat moet je weten:
Houdt bij het aanleggen aan een kade of sluismuur rekening met de wind: het schip krijgt meer drift, naarmate je snelheid afneemt. Als je er aan gewend bent, wil je niet meer zonder!

Zwaarden
Om goed hoog a../an de wind te kunnen zeilen is een platbodem uitgerust met zwaarden aan de zijkanten van het schip. Je 'steekt' altijd het zwaard aan de lijzijde, de kant waar de wind heen waait. Het schip leunt dan eigenlijk op het zwaard en heeft op deze manier toch een soort kiel.
Voordeel:
Variabele diepgang, je kunt kiezen hoeveel zwaard je steekt.
Wat moet je weten:
Bij het zeilen voor de wind hoef je geen zwaard te steken. Op ruime wind kun je een puntje zwaard steken, dit komt de bestuurbaarheid ten goede. Hoe hoger je aan de wind zeilt, des te dieper je zwaard mag steken.

Stabiliteit
Platbodems halen hun stabiliteit uit de breedte van het schip. Breedte werkt anders dan ballast. Breedte zorgt er voor dat het schip aanzienlijk minder schuin gaat. Denk maar aan een catamaran. Een bijkomend voordeel van de breedte van het schip is dat er relatief veel binnenruimte is.
Voordeel:
Ideaal familieschip: er is altijd veel binnenruimte en een platbodem onder zeil gaat met harde wind minder schuin dan een kieljacht.

Massa van het schip
Platbodemschepen zijn over het algemeen zwaarder dan kieljachten. De waterverplaatsing van een platbodemschip van 10 meter is al snel 10 ton of meer.
Voordeel:
Rustig vaargedrag

Manoeuvreren met een platbodem
Platbodemschepen zijn zwaarder dan kieljachten en hebben een 'eigen wil'. Dat komt door de massa en door hun gevoeligheid voor drift. Wie het eenmaal in de vingers heeft kan een extra dimensie toevoegen aan zijn of haar schippersvaardigheden. De zijwaartse verplaatsing van een schip beheersen is op elk schip van belang.
Wat moet je weten:
ScheepsWijs geeft praktijkcursussen in het manoeuvreren met platbodemschepen. Ook in samenwerking met Sailcharter Friesland.

Tekst: ScheepsWijs Auteur: Marianne van der Linden www.scheepswijs.nl